• Lars de Bie

“Truth is the first casualty in war”

De Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2016 en 2020, de coronacrisis en de Russische invasie van Oekraïne. Bij alledrie speelde (en speelt) nepnieuws een belangrijke rol. Nepnieuws wordt vaak veelvuldig gedeeld en heeft ook gevolgen in de “echte wereld”. Tijdens de Russische invasie wordt de bevolking van Rusland bijvoorbeeld verteld dat de Russische militairen met bloemen onthaald worden door de Oekraïense bevolking. Hiermee hoopt de Russische regering te voorkomen dat de bevolking in opstand komt.


De genoemde voorbeelden laten zien dat nepnieuws een groot probleem is. Het is daarom van groot belang dat er acties worden ondernomen tegen nepnieuws die tegelijkertijd de vrijheid van meningsuiting niet te ver inperken. In dit blog bespreek ik de maatregelen die door de EU zijn genomen tegen nepnieuws en hoe dit verband houdt met de Russische invasie.


De EU in actie tegen desinformatie

Op dit moment bestaat er geen wetgeving die het platformen verbiedt om nepnieuws op hun platform toe te laten. Wel is het zo dat de meeste grote sociale media zich hebben verbonden aan een Europese gedragscode. De EU en grote platformen hebben hierin afgesproken maatregelen te ondernemen tegen nepnieuws. Het moet hierbij dan gaan om informatie die bedoeld is om anderen te misleiden en die schade kan toebrengen aan de maatschappij, bijvoorbeeld door het ontwrichten van de democratie.


Naast deze gedragscode heeft de EU ook recent de Digital Services Act (DSA) aangenomen. Hierin worden verschillende verplichtingen opgelegd aan sociale media platformen. Zo zullen alle aanbieders van online sociale media voortaan minstens één keer per jaar moeten publiceren over de maatregelen die zij hebben genomen om nepnieuws aan te pakken (artikel 14). Ook moet duidelijk worden aangegeven welke berichten reclame zijn en wie er heeft betaald voor de reclame (artikel 24).


De DSA kent verschillende lagen die de verplichtingen voor platformen opsplitsen. Hoe groter het platform is, hoe meer verplichtingen. Zo zullen zeer grote platforms (artikel 25), zoals Facebook, Twitter en Youtube, jaarlijks een risicobeoordeling moeten maken. In deze risicobeoordeling moeten zij bijvoorbeeld in kaart brengen hoe illegale berichten via hun platform worden verspreid (artikel 26).


De Russische invasie

De hierboven genoemde maatregelen komen tijdens de Russische invasie van Oekraïne de EU goed uit. Door de maatregelen zijn er veel korte lijntjes tussen de EU en de grote, veelal Amerikaanse, techbedrijven. Volgens de EU verspreiden, de door de Russische staat gecontroleerde Russia Today en Sputnik, propaganda en leugens die door de EU als “toxic and harmful misinformation” worden aangemerkt. Er zijn dan ook strenge sancties in het leven geroepen om dit tegen te gaan.


Allereerst is het niet meer toegestaan om informatie van Russia Today en Sputnik te delen. Dit betekent dus dat internetproviders onder andere de websites van deze partijen dienen af te sluiten. Deze maatregel treft ook sociale media. De EU verbiedt immers elke exploitant om de inhoud van Russia Today en Sputnik mogelijk te maken, bijvoorbeeld door het verspreiden van de uitzendingen.


Aan de andere kant zijn er ook maatregelen die juist het bereik van Oekraïne en haar bevolking vergroten. Zo laat Facebook het tijdelijk, in bepaalde gevallen, toe om tot geweld op te roepen tegen Rusland. Daarnaast heeft Elon Musk Starlink, geactiveerd in Oekraïne, waardoor het voor mensen in Oekraïne makkelijker kan zijn om gebruik te maken van het internet in belegerde of vernietigde gebieden. Deze manier van communicatie is daarnaast een stuk lastiger te blokkeren door Rusland.


De toekomst

Zolang de Russische invasie voortduurt zal het aantal berichten die niet (helemaal) waar zijn behoorlijk hoog blijven. Zowel vanuit Russische als Oekraïense kant wordt er voornamelijk informatie verspreidt die het eigen belang dient. De huidige aanpak vanuit de EU is in dit geval redelijk effectief. Wel is het zo dat het voor langere tijd blokkeren van alle informatie van één bepaalde afzender twijfelachtig is in het kader van de vrijheid van meningsuiting. De toekomstige DSA is een goede eerste stap richting een gebalanceerde aanpak van nepnieuws, waarbij censuur niet de overhand kan krijgen.