• Maudy Luhulima

David tegen Goliath: reikt de bescherming van “Champagne” ver genoeg om Champanillo te verbieden?

Champagne, Prosciutto di Parma en Goudse kaas: allemaal voorbeelden van beschermde streekproducten. Streekproducten zijn een afspiegeling van de verschillende tradities en regio’s in Europa. Onlangs zijn prejudiciële vragen gesteld aan het Europese Hof van Justitie over de beschermingsomvang van de beschermde oorsprongsbenaming “champagne”. In deze blog zal ik eerst ingaan op hoe streekproducten beschermd kunnen worden, waarna ik kort in zal gaan op de gestelde prejudiciële vragen.


Geen merkenrecht

In Windsurfing Chiemsee is de lat hoog gelegd wat betreft het onderscheidend vermogen van merken die uit een geografische benaming bestaan. De Chiemsee is het grootste meer in Beieren. Het is een toeristische trekpleister waar onder andere gesurft wordt. Windsurfing Chiemsee is gevestigd aan de Chiemsee en verkoopt onder meer sportkleding. Huber en Attenberger verkopen ook sportkleding met de aanduiding “Chiemsee”, maar beiden gebruiken een andere grafische vorm dan Windsurfing Chiemsee. Volgens Windsurfing Chiemsee bestaat hierdoor tóch verwarringsgevaar.


Uit deze uitspraak is gebleken dat een geografische aanduiding niet als merk kan dienen als de benaming door het publiek als herkomstaanduiding wordt of kan worden opgevat. In ditzelfde arrest is erkend dat geografische benamingen wel onderscheidend vermogen kunnen verkrijgen door inburgering. Er is sprake van inburgering als een teken door het gebruik ervan inmiddels door het in aanmerking komend publiek als merk ter onderscheiding van de waren of diensten van de deposant wordt opgevat.


Streekproducten met geografische benamingen kunnen echter ook op een andere manier – buiten inburgering in het merkenrecht – beschermd worden.


Beschermde Oorsprongsbenaming

In de EU kunnen streekproducten geregistreerd worden ter bescherming tegen misbruik en namaak of tegen praktijken die de consument kunnen misleiden. Door de Europese Commissie kan een drietal kwaliteitslabels worden verstrekt aan streekproducten waarvan de hoge kwaliteit en reputatie sterk verbonden zijn met het geografisch gebied waar ze geproduceerd en/of verwerkt worden. De mogelijke labels zijn Gegarandeerde traditionele specialiteit (GTA), Beschermde Geografische Aanduiding (BGA) en Beschermde Oorsprongsbenaming (BOB). De bescherming die verkregen wordt met deze labels lijkt op bescherming die door intellectuele eigendomsrechten verkregen worden.


Van deze drie kwaliteitslabels kent het BOB-label de strengste voorwaarden. Om dit label te kunnen krijgen, moeten de producten namelijk in een bepaald geografisch gebied volgens een erkende en gecontroleerde werkwijze geproduceerd, verwerkt én bereid worden. De kwaliteit of andere kenmerken van deze producten moeten hoofdzakelijk kunnen worden toegeschreven aan het bijzondere geografische milieu van de plaats van oorsprong. Met het geografisch klimaat wordt onder meer het klimaat en de lokale knowhow bedoeld. Champagne is zo’n BOB.


Wanneer een streekproduct een geregistreerde BOB is, mag iedereen die het product maakt volgens de voorschriften, de aangegeven naam en de logo’s die bij de labels horen gebruiken. Dit in tegenstelling tot merkenrechtelijke bescherming, waarbij alleen de houder van het merk het betreffende merk mag gebruiken.


Sterkere rechtspositie

Vorig jaar kwam het Hof van Justitie al met een interessante uitspraak, die de rechtspositie van makers van BOB’s versterkt. In deze zaak over Manchego-kaas is namelijk beslist dat niet alleen de namen van BOB’s zijn beschermd, maar dat ook het door niet-rechthebbenden tonen van beeldtekens op niet-beschermde producten ongeoorloofd is, indien deze tekens associaties met het beschermde product oproepen. Nu er deze maand prejudiciële vragen zijn gesteld aan het Hof van Justitie betreffende de beschermingsomvang van de misschien wel bekendste BOB champagne, wordt de rechtspositie van fabrikanten van BOB’s mogelijk nog meer verbeterd.


In Spanje wordt de handelsnaam en het embleem “Champanillo” gebruikt voor een keten van vier restaurants, waar overigens niet is vastgesteld dat er “champagne” wordt verhandeld. Een brancheorganisatie van champagneproducten wil dit gebruik stoppen, omdat het volgens hen een inbreuk zou vormen op de BOB champagne. Hoewel deze vordering in eerste aanleg is afgewezen door de Spaanse rechter, ligt nu bij het Hof onder andere de vraag of de omvang van de BOB het mogelijk maakt om haar niet alleen te beschermen tegen soortgelijke producten, maar ook tegen diensten die gepaard kunnen gaan met de rechtstreekse of indirecte distributie van die producten.

Het embleem “Champanillo” dat twee glazen (geen champagneglazen) laat zien, zorgt mijns inziens niet voor verwarring met champagneproducten. De naam heeft echter wel iets weg van champagneproducten, maar het is nog te bezien of dit daadwerkelijk voor verwarring zal zorgen. Ik ben erg benieuwd welke kant deze uitspraak op zal gaan. Ik vraag me wel af een een dermate grotere beschermingsomvang voor BOB’s misschien niet te veel is.


Voor nu is het in ieder geval afwachten op het oordeel van het Hof en we zullen zien of ook hier David Goliath kan verslaan…