• Julia Siskina

Trollenlegers en het Witte Huis

Verdachte advertenties

Met 2,32 miljard maandelijks actieve gebruikers wereldwijd vormt het internetplatform Facebook een buitengewoon effectief marketingmiddel voor ondernemers en marketeers. Makkelijk, snel en met een relatief klein budget kun je een enorme groep mensen bereiken. Een handige tool op het eerste gezicht, maar er is ook een schaduwkant. Steeds vaker komt Facebook in opspraak vanwege ‘verdachte’ advertenties op het platform. Zo verschenen er eind vorig jaar meerdere nepadvertenties op het platform waarin mediamagnaat John de Mol en andere bekende Nederlanders bitcoins aanprezen, met vele gedupeerden tot gevolg. Een ander bekend fenomeen zijn de Russische trollenlegers die in 2016 een poging deden tot het beïnvloeden van de Amerikaanse verkiezingen door het verspreiden van advertenties. Facebook maakt zich inmiddels alweer op voor een nieuwe ronde in de strijd tegen de trollen: de Amerikaanse presidentsverkiezingen in 2020.


Een terugblik

Boeken vol zijn er geschreven over beïnvloeding van stemmers via social media tijdens de Amerikaanse presidentscampagne in 2016. Allereerst door de Russische internettrollen: duizenden nepaccounts afkomstig van de ‘trollenfabriek’ Internet Research Agency (IRA) in St. Petersburg. De trollen probeerden door middel van de advertenties groepen kiezers tegen elkaar op te zetten en zo de verkiezingen te beïnvloeden. Deze trollen kregen vrij spel op Facebook, want er werd niet tegen ze opgetreden. Dan was er nog het Cambridge Analytica schandaal. Dit techbedrijf kreeg miljoenen gegevens van Facebook-gebruikers in handen en gebruikte deze om te analyseren hoe de Amerikaanse kiezer het beste gemanipuleerd kon worden voor de verkiezingscampagne van Donald Trump. Er was in het Amerikaanse Congres zoveel ophef over dat er een hoorzitting werd georganiseerd waarbij Zuckerberg hoogstpersoonlijk verantwoording moest komen afleggen.


Nieuwe strategie

Facebook heeft de afgelopen tijd verschillende pogingen gedaan om de negatieve publiciteit goed te maken. Zo maakten ze onlangs bekend dat vier trollennetwerken offline zijn gehaald. De netwerken, waarvan drie afkomstig uit Iran en één uit Rusland, zouden verkiezingen hebben proberen te beïnvloeden in de Verenigde Staten, Noord-Afrika en Latijns-Amerika.


Ook kwam Facebook eerder dit jaar met een aantal maatregelen voor het tegengaan van politieke beïnvloeding van de Europese Parlementsverkiezingen. Waaronder een verificatieproces voor partijen die over maatschappelijke kwesties, verkiezingen of politiek willen adverteren. Daar blijft het niet bij. Met de Amerikaanse verkiezingen van 2020 in aantocht heeft Facebook recent een nieuwe strategie gepubliceerd, die bestaat uit de volgende drie pijlers: buitenlandse inmenging voorkomen, het verhogen van transparantie en het verminderen van desinformatie. Een greep uit de nieuwe maatregelen: de accounts van de verkiezingskandidaten en hun medewerkers worden beter beveiligd tegen hackers, staatsmedia worden gelabeld zodat de bron van het bericht duidelijk is, er komt een duidelijkere waarschuwing te staan bij berichten die volgens externe partijen nepnieuws bevatten en advertenties die proberen mensen niet naar de stembus te laten gaan worden verboden.


Mark Zuckerberg benadrukt dat de vrijheid van meningsuiting op het platform een groot goed blijft, dus Facebook zal politieke advertenties niet controleren op feiten. Zuckerberg stelt dat gebruikers zelf moeten oordelen over wat politici zeggen. Of dit een effectieve aanpak is, is een andere interessante discussie. Zie hierover de blog van Annemijn op TechnologIE, privacy en recht.


Politiek of niet?

De stappen die Facebook onderneemt om misbruik van haar platform tegen te gaan, werpen nieuwe vragen op. Zo leek Uitgeverij De Bezige Bij onlangs voor het eerst geconfronteerd te worden met het aangescherpte beleid van Facebook, toen de advertentie voor de ongeautoriseerde biografie van Ahmed Aboutaleb werd geweigerd door Facebook. De reden voor de weigering? De advertentie zou gaan om een maatschappelijke kwestie, verkiezingen of politiek. De foto van Aboutaleb op de kaft van het boek werd mogelijk door het systeem van Facebook gezien als een politiek element. Daarnaast stelde Facebook dat De Bezige Bij niet voldeed aan de eisen van het platform om dergelijke inhoud te mogen plaatsen.


Maar hoe “politiek” is een advertentie van een uitgeverij voor een biografie van de Rotterdamse burgemeester? Facebook heeft stappen in de goede richting gezet met het aangescherpte beleid omtrent politieke advertenties, maar voor een goede uitvoering denk ik dat er een grote behoefte is aan opheldering over wat wel en niet onder een politieke advertentie dient te worden geschaard. Inmiddels heeft De Bezige Bij groen licht gekregen en mag de advertentie worden geplaatst, onder de voorwaarde dat de uitgeverij het verificatieproces doorloopt voor partijen die willen adverteren over maatschappelijke kwesties, verkiezingen of politiek.


Eind goed, al goed? Voor De Bezige Bij waarschijnlijk wel. Maar gezien de grote rol die Facebook tegenwoordig vervult bij politieke verkiezingen zullen alle ogen ook in 2020 weer op Facebook gericht zijn. Of het beleid van het platform toereikend is om de strijd van de trollen te winnen zal nog moeten blijken.