• Chandell Stienstra

Kunnen robots straks een octrooi aanvragen?

Het Europees Octrooibureau (EOB) vindt klaarblijkelijk van niet. Zo blijkt uit een beslissing waarin door deze instantie twee interessante octrooiaanvragen zijn afgewezen. Inzet waren een voedselcontainer met een geavanceerde geometrie en methoden en apparatuur om de aandacht te trekken in noodsituaties. De aanvrager, Stephen Thaler, heeft op het aanvraagformulier het AI-systeem ‘DABUS’ als uitvinder opgegeven.


Nederlandse en Europese octrooien

Er kan via verschillende wegen een octrooi worden aangevraagd. Een Nederlands octrooi biedt enkel bescherming op nationaal niveau. De uitvinder moet daarom in elk land apart een octrooiaanvraag indienen om bescherming te krijgen. Bij een Europees octrooi kan daarentegen één verzoek bij verschillende Europese landen tegelijkertijd worden ingediend. Als de aanvraag aan alle formele en materiële vereisten van het Europees Octrooi Verdrag voldoet, wordt het octrooi verleend. Op het moment van verlening valt het octrooi uiteen in een bundel afzonderlijke nationale octrooien.


Op grond van artikel 52, 54, 56 en 57 van het Europees Octrooi Verdrag (EOV) worden Europese octrooien verleend voor uitvindingen, op alle gebieden van de technologie, mits zij nieuw zijn, op uitvinderswerkzaamheid berusten en industrieel toepasbaar zijn. Uitvindingen die voortkomen uit kunstmatige intelligentie zijn reeds octrooieerbaar in Europa, mits aan voornoemde voorwaarden is voldaan.


Behalve materiële, moet een Europees octrooiaanvraag ook aan een aantal formele vereisten voldoen (zie: How to get a European patent, e-learning module). Een vereiste is bijvoorbeeld dat een aanvraag enkel kan worden ingediend met behulp van het zogeheten ‘EPO-formulier 1001’. Ook moet de aanvraag toegewezen kunnen worden aan een of meer uitvinders.


Europees Octrooiverdrag

Uit artikel 81 EOV volgt dat een uitvinding toegewezen moet kunnen worden aan een mens (designation of the inventor). Daaraan voldoen beide aanvragen niet. Thaler en andere wetenschappers stellen dat we steeds vaker te maken zullen krijgen met uitvindingen die voortkomen uit de inzet van kunstmatige intelligentie. Volgens hen zullen de octrooibureaus daar op enig moment toch iets mee moeten. Het EOB denkt daar voorlopig anders over en stelt dat de aanvraag niet kan worden toegewezen aan DABUS, het algoritme in onderhavige zaak.


Blik op de toekomst

Het is echter zeer waarschijnlijk dat er zich in de toekomst meer situaties zullen voordoen waarin kunstmatige intelligentie de hoofdrol kan gaan spelen (bijvoorbeeld een AI-systeem als auteur van een boek). De vraag is dan, als er geen mens aan te wijzen is voor de nieuwe ontwikkeling, wie de verantwoordelijke is? Daarbij hoort in dit geval de vraag aan wie de rechten van het octrooi toebehoren. Dit is een vraagstuk waarop niet gemakkelijk een antwoord te geven is. Ik zou zelf niet zo snel wijzen naar een AI-systeem als uitvinder, aangezien het meer vragen oproept dan dat het beantwoordt. Je kunt je bijvoorbeeld afvragen wat het belang is van een AI-systeem bij de bescherming van zijn octrooi. Ook rijzen er vragen met betrekking tot de bevoegdheid om een inbreukprocedure in gang te zetten.


Hoe dan ook, het lijkt erop dat er een vervolg aankomt. Mij lijkt het niet logisch om aan een machine een octrooi te verlenen. Dit zou namelijk ingaan tegen de ratio waarvoor het octrooirecht is bedacht: Het stimuleren van het doen van uitvindingen door een tijdelijk monopolie te verlenen. Hieruit blijkt dat het octrooirecht is ontwikkeld als ‘incentive’ om meer uitvindingen te doen door menselijke onderzoekers te belonen. Ik vraag me af waarom het geven van een tijdelijk monopolie aan een AI-systeem ervoor zal zorgen dat er meer uitvindingen worden gedaan. Het is de taak van een dergelijk systeem om ontwikkeling te brengen, hierbij behoeft hij geen prikkels of beloningen. Daarnaast worden uitvindingen door AI in principe niet gedaan met een winstoogmerk, ook financieel heeft een dergelijk systeem dus geen belang bij de geboden bescherming.