• Kosta Hinzen

Duivels goede schoenen of satanistisch slechte kunst?

Nike vs. de “Satan Shoe”

MSCHF Product Studio , een kunstenaarscollectief uit New York, heeft in samenwerking met Lil Nas X, die mensen wellicht zullen kennen van de hit “Old Town Road”, de “Satan Shoe” ontworpen. Dat is een paar aangepaste Air Max 97’s waarin een zwart/donkerrood kleurenpatroon, een ondersteboven staand kruis, een pentagram en een verwijzing naar een bijbelvers over Satan te zien is. Om het af te maken is een druppel menselijk bloed in de zool verwerkt en zijn er maar 666 van deze schoenen geproduceerd. Doordat een deel van de consumenten dachten dat het ging om een samenwerking tussen Nike en het kunstenaarscollectief ontstond er veel ophef op sociale media dat Nike achter een dergelijk “hels” product zou staan. Nike was niet bepaald te spreken over deze gang van zaken en heeft eind maart van dit jaar een rechtszaak aangespannen tegen het kunstenaarscollectief. Deze interessante zaak is uiteindelijk helaas niet naar de rechter gegaan: partijen besloten om te schikken. Het blijft echter wel leuk om te speculeren welke rechtsgronden het strijdtoneel van deze zaak waren geweest en hoe zo'n zaak in Nederland aangepakt zou kunnen worden. Dat zal hierna dan ook kort gedaan worden.


Merkenrecht vs. vrijheid van meningsuiting

De meest voor de hand liggende rechtsgrond waarop Nike zich zou kunnen beroepen, is dat er verwarringsgevaar kan ontstaan bij het publiek met betrekking tot de herkomst van de schoenen. In dit licht heeft de hoogste Europese rechter, het Hof van Justitie van de EU (“HvJ EU”) geoordeeld dat er gekeken moet worden of het gebruik van een merk afbreuk doet aan de wezenlijke functie van het merk, namelijk de herkomst van een product voor de consument waarborgen.

In het geval van de Satan Shoe heeft Nike hiermee waarschijnlijk een redelijke kans om gelijk te krijgen. Zoals uit verschillende social media onderzoeken blijkt, is er verwarring bij het publiek met betrekking tot de herkomst van de schoenen. Een hoop mensen denkt dat Nike betrokken was bij de ontwikkeling en verkoop en hadden daar wat negatiefs over te zeggen.


Verder zou Nike kunnen stellen dat MSCHF afbreuk doet aan de zorgvuldig opgebouwde reputatie van Nike door het merk in verband te brengen met de duivel. Nike heeft immers jarenlang hun geld en middelen gestoken in het opbouwen van een zekere goodwill bij het publiek. Het publiek heeft daardoor een positieve kijk op het merk en dit draagt eraan bij dat mensen dit merk willen kopen. Als MSCHF vervolgens een schoen van Nike met het Nike merk erop een bepaald kleurenpatroon geeft en daar Satanistische elementen aan toevoegt, is het goed voorstelbaar dat de rechter zal oordelen dat MSCHF afbreuk doet aan de reputatie van Nike.


MSCHF staat echter ook niet met hun mond vol tanden. Zij zouden zich kunnen beroepen de vrijheid van meningsuiting, meer specifiek: de artistieke uitingsvrijheid. Het is immers een kunstenaarscollectief. Dat zou een verweer kunnen zijn waarmee zij de voorgenoemde inbreuken zouden kunnen rechtvaardigen. Het gaat hier om een belangenafweging tussen de belangen van de merkhouder om de wezenlijke functie van zijn merk te handhaven en het belang van een derde om een dergelijk teken te gebruiken ter aanduiding van de door hem verhandelde waren en diensten. In 2018 was er een zaak waarbij Moët Hennessy Champagne Services (“MHCS”) en een kunstenaar betrokken waren en waarin de rechter oordeelde dat een “kunstuiting die het originele resultaat is van een creatief vormgevend proces” een geldige reden kan zijn om inbreuk te maken op de merkrechten van een ander. Daarbij moet er wel op gelet worden dat de kunstuiting er niet op gericht mag zijn het merk of de merkhouder schade toe te brengen. Dit zal de rechter echter moeten oordelen aan de hand van alle omstandigheden van het geval.


Afsluitende opmerkingen

Het recht van de vrijheid van meningsuiting is een groot goed en dat kan niet zomaar worden ingeperkt. Het was daarom ook interessant geweest om te zien hoe de rechter in deze zaak zou oordelen. Wellicht is het wel verstandig dat Nike uiteindelijk besloot om te schikken. Dit soort “collabs” tussen modemerken en kunstenaars/artiesten is een welbekend en belangrijk fenomeen in de wereld van sneakers. De zogeheten “sneakerheads” vormen ook een belangrijke doelgroep voor merken als Nike en aangezien de schoenen binnen een paar minuten waren uitverkocht, hebben ze met een schikking aan de eventuele woede van de sneakerheads kunnen ontkomen.

Zolang kunstenaars en artiesten hun artistieke ideeën nog los willen laten op pop culture (wat waarschijnlijk altijd zo zal blijven), zal dit spanningsveld tussen merkenrechten en de vrijheid van meningsuiting relevant blijven. Het is dan ook interessant om in de gaten te blijven houden waar dit nog heen zal gaan en hoe dit tot uiting zal komen.